Rusland trip 2004
Maandag 11 oktober 2004
Vanmorgen al vroeg uit de veren met behoorlijk wat kriebels in mijn buik. Vandaag gaat het gebeuren, mijn eerste keer vliegen, alleen, naar een land waarvan ik de taal niet beheers en waarvoor ik een visum nodig heb. Diane arriveert om stipt 09.00 uur en even later vertrekken we naar Schiphol. Eenmaal aangekomen op Schiphol neemt Diane de leiding en loodst me naar de incheckbalie van Aeroflot. De vriendelijke “incheckdame” vraagt of ik een plaatsje bij het raam of bij het gangpad wil, vol bravoure zeg ik “bij het raam”. Diane schudt meewarig haar hoofd en ik hoor haar denken dom, dom, dom! Na een kop koffie en saucijzenbroodje wandelen we via de lectuurshop naar de vertrekhal. Daar moeten we afscheid nemen, er is geen weg terug, ik ga naar Rusland.
Langzaam slenter ik richting D12, tot ik op een van de aanduidingborden zie dat het zeker nog 15 tot 20 minuten lopen is, even krijg ik het Spaans benauwd en zet de sokken er behoorlijk in, het zal me toch gebeuren dat ik te laat kom voor mijn vlucht. Aangekomen bij D12 mag ik direkt doorlopen, met een zucht van opluchting val ik in mijn stoel.
De vlucht verloopt prima, het is prachtig helder weer en ik ben blij met mijn plaatsje bij het raam. Na 3½ uur vliegen landen we zonder brokken op Sheremetyevo waar we worden opgewacht door een bus “Russische stijl” die ons naar de douane brengt. We moeten nog een aantal minuten wachten voor een dichte deur. We zien een geüniformeerde vrouw op pikante hakjes driftig heen en weer stappen. Het is ons meteen duidelijk dat deze dame behoorlijk de pee in heeft. Ze schijnt maar geen kontakt te kunnen krijgen met haar collega’s aan de andere kant van de deur, niemand schijnt die verrekte deurbel te horen. Uiteindelijk houd ze de bel ingedrukt en dat leid tot resultaat, de deur gaat open en mogen we de bus, die niet al te fris ruikt, verlaten.
In het vliegtuig heb ik kennis gemaakt met een Russin die redelijk Engels spreekt, ik noem haar mijn Russische Diane want eenmaal aangekomen bij de douane neemt zij mij onder haar hoede. Een stief kwartiertje later wandel ik, een stempel rijker en zonder verdere controle, de aankomsthal binnen, dat viel reuze mee. Maar hoe herken ik mijn gastheer en vrouw, ’t is alweer 3 jaar geleden dat ik hen voor het eerst (en tevens voor het laatst) heb gezien, zou ik ze nog wel herkennen? Ik maak me onnodig zorgen, Slava staat al te zwaaien terwijl Sima me nog aan het zoeken is in de aankomsthal. Even later stappen we gezamenlijk naar buiten op zoek naar de auto.
Buiten is het donker, het vriest (-3) en ook heeft het er vandaag voor het eerst gesneeuwd, dat belooft nog wat. We rijden naar het 2-kamer appartement van S&S waar ik gastvrij wordt onthaald met een tafel vol typische Russische gerechten zoals Pelmeni, dit lijkt op tortellini, het zijn deegballetjes gevuld met rundergehakt, je eet ze met zure room en natuurlijk ontbreken ook de traditionele blini’s (flensjes) niet, een heerlijk Tsjechisch biertje en ter afsluiting een mok zwarte thee. Het sigaretje op het balkon is me slecht bevallen, 10 hoog op een ietwat gammel balkon dat tot overmaat van ramp ook nog lijkt te bewegen zorgt voor visioenen over neerstortende balkons, dan maar niet roken, lijkt me een stuk veiliger.
Met Sanya, de Rottweiler-mix van S&S (S&S zijn Slava en Sima, 2 bijzondere vrienden die mij een week lang van hort naar her hebben gereden en het grootste deel van het vertaalwerk op zich hebben genomen) ben ik al snel vriendjes. Sanya’s start was niet zo gelukkig, ze is als zwervertje aan komen lopen en had al het nodige meegemaakt. Men heeft waarschijnlijk geprobeerd haar te verdrinken, ook had ze een gebroken pootje. Dit zielige hoopje pup is uitgegroeid tot een zeer slim hondje, eentje die precies weet hoe ze mensen moet bespelen om iets van hun gedaan te krijgen. Sanya is door het lot aan S&S gekoppeld, haar leven heeft daardoor een gelukkige wending gekregen.
Alvorens we naar het hotel gaan wil Slava mij het centrum van Moskou laten zien. De oude binnenstad is adembenemend mooi bij nacht. Het Kremlin ligt aan de hoge oever van de Moskwa rivier. Het Grote Kremlin paleis (de ceremoniële residentie van president Putin), het historische Rode plein, de kleurvolle St. Basil’s Kathedraal maar ook het statige Bolshoj theater zijn enkele van de vele prachtig verlichte gebouwen die we tijdens onze rit passeren. Al rijdend probeer ik mijn Russische cursussen uit, nou dat valt zwaar tegen zeg, in de meeste gevallen kom ik niet verder dan de helft van het woord, teleurstellend, had ik maar beter op moeten letten en iets minder moeten concentreren op het pretgedeelte. Heb ik er dan eindelijk eentje die ik kan uitspreken, dan is het voor in de auto dolle pret, tja aan de uitspraak schort ook nog het een en ander blijkt.
Tegen twaalven arriveren we bij hotel Aeropolis, hier zal ik de eerste 3 nachten van mijn verblijf slapen. Moskou is een gevaarlijke stad met een zeer hoog criminaliteitsgehalte. De recente aanslagen noopt menig bedrijf tot het aanstellen van particuliere bewakingsdiensten, zo ook hotel Aeropolis. Alvorens we de parkeerplaats op mogen rijden moeten we ons legitimeren aan een zwaar bewapende bewaker, da’s andere koek! Neem van mij aan dat hun bevoegdheden verder gaan dan het noteren van naam en adres. Tevens krijgt Slava de opdracht zijn auto te parkeren op de strook die het verst van het hotel ligt, dit heeft weer alles te maken met de angst voor explosieven. Ik moet bekennen dat ik zeer onder de indruk ben van dit machtsvertoon, niettemin ben ik blij met deze voorzorgsmaatregelen, ’t geeft wel een veilig gevoel. Ook in het hotel zijn diverse beveiligingsmensen aanwezig, hier iets minder nadrukkelijk, maar wel zichtbaar bewapend.
Het inchecken gaat volgens Russisch protocol, ik moet mijn paspoort met visum afgeven, tegen een geringe toeslag zorgt het hotel voor de registratie bij de OVIR (Departement voor Visa en Registratie). Morgenvroeg kan ik mijn paspoort weer ophalen (reizen in Rusland zonder paspoort kan veel problemen en oponthoud veroorzaken). Dankzij mij Russische vrienden verloopt alles vlot en met de opmerking dat ik nog even op het warme water moet wachten vertrekken we met de lift richting 11 e etage. Daar eenmaal aangekomen installeer ik me op mijn kamer. Vanuit het raam zie ik in de verte het centrum liggen. De gebouwen en brede straat waaraan het hotel ligt zijn gebouwd in de tijd dat Stalin zijn scepter over Rusland zwaaide. De kamer is comfortabel. De tv biedt overwegend Russische zenders aan, dus vermaak ik me een tijdje met de Russische uitvoering van ER.
Het water laat lang op zich wachten maar uiteindelijk bereikt het dan toch de 11 e verdieping. Met een hoofd vol impressies val ik tegen tweeën in slaap.
Dinsdag 12 oktober
Na een stevig ontbijt wacht ik in de lobby op S&S, we hebben afgesproken dat ze mij om 09.00 uur komen ophalen. Vandaag hebben we een overvol programma. 3 Kennelbezoeken, de kennels liggen weliswaar niet echt ver uit elkaar, maar het verkeer in en rond Moskou is een chaos, dit maakt reizen over korte afstanden tot een tijdrovende bezigheid. Ik zal al snel leren dat “een uurtje later” op je afspraak komen in Moskou eerder regel dan uitzondering is.
Nieuwe flatgebouwen rijzen als paddestoelen de grond uit, het inwonertal groeit er dagelijks en dat brengt nog meer verkeer met zich mee. Logistiek levert dit nogal wat problemen op. Men vindt het blijkbaar niet nodig om nieuwe wegen aan te leggen, dus iedereen moet gebruik maken van het bestaande wegennet en dat is zeer beperkt. In Moskou staat men van ’s morgensvroeg tot ’s avonds laat in de file.
Met uitzondering van de oude binnenstad is Moskou een gedrocht. Een smerige stad vol met stank, kabaal en lelijkheid, teveel mensen en teveel verkeer.
Omstreeks 10.00 uur vertrekken we richting “platteland”. De rit gaat opnieuw dwars door het centrum, daar is het nu een stuk drukker dan gisteravond, ellenlange files zorgen voor de nodige vertraging, maar uiteindelijk bereiken we de stadsgrenzen, vanaf hier komen we sneller vooruit, omstreeks twaalven komen we aan op de plaats van bestemming. De reden dat ik deze kennel wil bezoeken is omdat Gyess, een van onze “quarantaine” honden in deze kennel is gefokt. Ik ben vooral geïnteresseerd in Lukshary Elchan, de vader van Gyess. Slava laat via zijn mobieltje weten dat we voor de deur staan, enkele minuten later zwaait deze open en stapt er een kleine kordate vrouw naar buiten, druk gebarend dat we naar binnen moeten komen. Dit moet Marina zijn.
Marina Ovsjanikova is bestuurslid van de Russische Centraal Aziaten Club, CAO MIR (voorheen CAO Inform). Ze fokt al zo’n 20 jaar Centraal Aziaten onder de kennelnaam "Klovi" en is bevoegd CAO keurmeester. U kunt zich voorstellen dat ik enorm in mijn nopjes ben met dit bezoek. Marina neemt ons mee naar de kennels en laat ons kennismaken met enkele van haar Aziaten.
Dardar en Kasim (Tadzjieks type)
De Tadzjiek is een middelgrootte, sterke en harmonisch gebouwde hond zonder uitgedrukte kenmerken van grofheid of massiefheid. Schofthoogte reuen minimaal 67 cm en teven minimaal 62 cm. Zijn gedrag is zelfverzekerd, moedig en temperamentvol.
en Ahtar (Oezbeeks type),
De Oezbeek onderscheidt zich door een lichte, droge bouw. Hoogbenig Schofthoogte reuen 62-68,
teven 58-64 см. Gedrag aktief en moedig.
3 volwassen reuen en nog enkele jonge honden waarvan de namen me zijn ontschoten. Niets ten nadele van de andere 2 reuen maar ik val als een blok voor Kasim. Waarom? Dat is niet eenvoudig te omschrijven en voor een groot deel gevoelsmatig.
Viel ik een aantal jaren geleden nog voor de enorme (pseudo) molossoide giganten moet ik bekennen dat ik mijn mening ten aanzien van deze kolossale CAOs heb bijgesteld. Foto’s, gemaakt zo rond 1900, geven een vertekend beeld. Hoe meer je leest over de historie van het ras, hoe meer je beseft dat deze enorme afmetingen niet kunnen kloppen. Men moet niet vergeten dat de mensen in die tijd aanzienlijk kleiner waren dan hedentendage. Uit metingen blijkt dat de gemiddelde lichaamslengte rond 1900 tussen de 1.65 tot 1.70 lag. Ik ga er dan ook van uit dat de Aziaat qua hoogte niet veel afweek dan die van gelijkwaardige rassen zoals de Komondor. Metingen verricht zo rond 1920 tonen aan dat de gemiddelde schofthoogte van de Komondor in die tijd zo rond de 65 cm lag, met hier en daar een uitschieter naar 68 cm. Laat de Aziaat gemiddeld eens zo’n 70 tot 75 cm zijn geweest
Kasim (Dzjaladash x Kirijat iz Klovi) is een Tadzjieks type, doorgaans zijn de Tadzjieken iets compacter gebouwd en minder steil in de achterhand dan bijvoorbeeld de Turkmeen. Zijn gangwerk oogt gemakkelijk en krachtig. Dit is het type honden dat zonder moeite dagen achtereen de nomaden en hun kuddes kan volgen tot in de meest onherbergzame gebieden.
Zijn blik is onverstoorbaar, het lijkt alsof hij zich heeft afgesloten van wat er om hem heen gebeurt, maar ondertussen registreert hij minutieus elke beweging.
De Aziaat neemt zijn taak als bewaker serieus, hij tolereert vreemden maar zal nimmer een emotie tonen, dat blijft voorbehouden aan diegenen die hij tot de zijnen rekent, zijn “familie”. Zijn familie kan rekenen op zijn onvoorwaardelijke trouw en genegenheid. Hij is onafhankelijk, zelfverzekerd en onomkoopbaar, bijzonder intelligent en heeft een feilloos geheugen. Een onverschrokken en moedig waker, altijd alert en op zijn hoede.
Marina nodigt ons uit voor de thee, ik zet mijn “vertalers” aan het werk en probeer ondertussen alle antwoorden te registreren.
Marina hecht veel waarde aan behoud van type. In haar kennel tref je 2 types aan, de Tadzjiek en de Oezbeek. Zij zelf heeft de grens gesteld bij een schofthoogte van 80 cm. Een hond moet kunnen werken, dat kan alleen als het lichaam in balans is. Niet dat ze moeite heeft met een schofthoogte boven de 80 cm, maar dan moeten de verhoudingen kloppen en het mag nooit ten koste gaan van het gangwerk.
De enorme populariteit doet het ras geen goed (in 2003 was de CAO het meest verkochte ras in Rusland).
Fokkers die geen idee hebben waar ze mee bezig zijn, die maar wat aanrommelen. Door het ontbreken van een gedegen basiskennis worden verschillende types met elkaar gekruist, of nog erger, het inkruisen van vreemd bloed van molossoide rassen zoals de Sint Bernhard of Spaanse Mastiff om zo een meer molossoide CAO te fokken.
Waren het voorheen de clubs die een behoorlijke vinger in de pap hadden bij de fokkerij, kan men tegenwoordig zonder inmenging van de club fokken, de controle is weg. Uiteraard zijn er ook onder deze nieuwe generatie fokkers een aantal die het ras in hun hart hebben gesloten en er alles aan zullen doen om de dit bijzondere ras met al zijn diversiteit te bewaren voor de toekomst.
Ze legt uit dat de Tadzjiek t.o.v. de Turkmeen socialer is zonder dat dit ten koste gaat van zijn kwaliteiten als waker. Als blijkt dat een van haar puppen afwijkend gedrag vertoont t.o.v. nestgenoten, de volwassen honden, andere dieren of kinderen, dan wordt deze, ongeacht zijn exterieure kwaliteiten, direkt uitgesloten van de fokkerij. Zij zal nooit concessies doen ten aanzien van het karakter, exterieur en karakter gaan altijd samen.
Klovi fokt uitsluitend honden met een scharend gebit.
De Fokcommissie van de RKF heeft het concept van de nieuwe standaard geaccepteerd en werkt hier sinds 21.03.2000 mee. Deze is tot op heden niet goedgekeurd door de FCI. De huidige standaard noemt alleen het schaargebit. Voorstel tot wijziging is de acceptatie van schaar, tang en gesloten ondervoorbeet ( De snijtanden van de bovenkaak moeten met hun voorzijde de achterzijde van de snijtanden in de onderkaak raken.
Uiteraard raken we verzeild in een discussie over heupdysplasie. Marina vertelt dat in Rusland het röntgenen van honden nog in de kinderschoenen staat. Dierenartsen röntgenen alleen onder volledige narcose. Ze is erg geïnteresseerd in hoe dit bij ons in Nederland gaat. Ik vraag haar of ze denkt dat veel van de problemen met het gangwerk te maken hebben met HD, zij bevestigt dit. Persoonlijk denk ik dat dit veel meer heeft te maken de zwakke achterhand, incorrecte stand van het bekken t.o.v. het dijbeen, onjuiste lengteverhouding van het dijbeen en scheenbeen.
Ze laat me stukjes video zie, aan de hand van de beelden legt ze me uit waar ik op moet letten bij het beoordelen van een CAO. Mijn vragende blik moet haar opvallen, regelmatig pakt ze er foto’s bij om zo nog eens de sterke en minder sterke punten van de hond te onderstrepen. Helaas gaat dit alles me veel te snel, zelfs mijn vertaalvrienden raken zo nu en dan de draad kwijt en die spreken toch echt Russisch! Dan komen de boeken met foto’s van alle door haar gefokte honden op tafel, helaas tikt de tijd door en krijg ik seintjes van Slava dat ik er een punt achter moet zetten, we moeten gaan, op naar de volgende afspraak. Uiteraard ga ik niet zonder dat ik nog een aantal foto’s uitgezocht heb en ze drukt me ook nog snel de eerste uitgave van CAO MIR in handen. Nadat we buiten nog wat foto’s van Marina hebben genomen neem ik afscheid van een bijzonder mens die ik in de toekomst zeker nog een keer hoop te bezoeken!
We gaan op weg naar onze volgende afspraak. Kennel Iz Strazji, deze kennel wordt gerund door Elena Mychko. Biologe van beroep en ze fokt al zo’n 30 jaar Aziaten. Ook Lusha (Zverusha iz Strazji) is door haar gefokt.
Lusha (Karagjoz x Djagar-Hatun) is geïmporteerd door Elena Svyagin. Elena is met haar familie naar Australië geïmmigreerd en heeft destijds alleen haar reu Hottab meegenomen. We hebben elkaar ontmoet via het internet. Deze ontmoeting is uitgegroeid tot een bijzondere vriendschap. Lusha onze eerste quarantaine CAO was 7 weken toen Elena haar kwam brengen en vertrok 9 maanden later naar Australië. Hoe het verder is verlopen met Gyess en Lusha kunt u lezen op www.alabai.com.au.
Elena Mychko is zelf een legende binnen het CAO wereldje. Ze heeft diverse boeken en onnoemelijk veel artikelen over de CAO geschreven, wordt regelmatig uitgenodigd om seminars te geven en keuringen te verrichten zowel in Rusland als in het buitenland. Samen met haar partner Belenkii heeft ze heel wat studiereizen naar Centraal Azië gemaakt, meestal waren ze maanden onderweg. Leefden als en met nomaden, vaak vergezeld door enkele van hun honden. Elena heeft over de jaren een schat aan informatie verzameld die zijn weerga niet kent.
Ze ontvangt ons in haar werkkamer. Naast boeken over de CAO schrijft ze ook over gedrag, opvoeding en training van honden. De muren van haar werkkamer zijn behangen met boeken (Leo Bosman zou hier wel willen overwinteren, die zagen we nooit weer terug). Een wand is vrijgelaten, hierop hangen foto’s van door haar gefokte honden. We nemen plaats op een van de banken en vervolgens worden de honden een voor een binnengebracht door haar vriendin/handler. Helaas is er onvoldoende licht in de studeerkamer om goede foto’s te maken, ik moet de flits gebruiken en dat komt de honden niet ten goede. Oud en jong, reuen en teven, ze passeren allemaal de revue. Bij iedere hond vertelt Mychko kort iets over de kwaliteiten en bloedlijnen. Enkele honden herken ik van de video’s. Naast de door haar gefokte CAOs zijn er ook enkele jonge honden aangekocht. Afhankelijk van hoe deze jonge dieren uitgroeien, worden ze t.z.t. ingezet om bloed te verversen. Elena fokt met Turkmeense lijnen.
De Turkmeen is een krachtige, compacte en grote hond (schofthoogte reuen 65-70 en teven 60-65) met evenwichtige exterieure vormen en, ongeachte het tempo, een prachtig gebalanceerd gangwerk. Hij is zelfverzekerd, moedig, van relatief behouden tot zeer levendig, van boosaardig-kalm tot zeer agressief.
Een van de jonge reuen heeft rond de oren vrij lang haar dat over het gecoupeerde oor valt, ’t lijken wel kwastjes. Mychko vertelt dat dit een teken van raszuiverheid is (althans zo heb ik het begrepen, mocht dit een andere betekenis hebben zal ik hier later zeker op terug komen). Centraal Azië heeft een rijke cultuur die doorspekt is met bijgeloof en mystiek.
Ook Elena maakt zich zorgen over de huidige ontwikkelingen binnen het ras, maar weet ook dat ze dit niet kan stoppen. We kletsen nog wat over zaken zoals het pigmentverlies bij witte honden, hoewel leverkleur acceptabel is in honden met een lichte vachtkleur, gaat de voorkeur uit naar zwart.
En ook Mychko heeft moeite met het kruisen van types, wijt dit aan de onervarenheid en desinteresse van fokkers. Het karakter van de honden telt bij haar net zo zwaar als het exterieur.
Ze roemt de intelligentie van de Aziaat. Elena en haar vriendin wandelen regelmatig met de honden in de bossen rondom de datsja. Een van haar honden heeft een obsessieve interesse voor reptielen en fladderende vogels. Als ze ook maar even niet opletten, loopt hij met een levende slang in zijn bek en weet dit zo te maskeren dat ze het vaak niet eens door hebben. Zo’n wandeling kan uren duren en al die tijd houd hij de slang gevangen in zijn bek. Eenmaal in zijn kennel onderwerpt hij de prooi aan een nauwkeurige inspectie. Met hetzelfde gemak vist hij vogels uit de lucht, deze ondergaan dezelfde behandeling. Helaas zijn hun overlevingskansen kleiner, het tere vogelborstje is nu eenmaal niet bestand tegen de zware poot van een Aziaat. Wordt hij betrapt en moet hij zijn prooi inleveren (loslaten) dan is hij heftig verontwaardigd en loopt de hele wandeling te mokken.
Mijn blik valt op een van de foto’s, ik herken de honden van de Iz Strazji video die ik destijds heb gekregen. Ik herken ze aan hun opmerkelijke kleur (’t best te omschrijven als wit met grijsbruine platen). Het blijkt dat beide honden nog in leven zijn. Of ik ze wil zien? Natuurlijk!.
Mychko neemt ons mee naar buiten waar haar vriendin al met de honden op ons wacht. Ze moeten inmiddels zo’n 8 a 9 jaar zijn. ’t Is jammer dat ik hier niet de video’s van hun gangwerk kan laten zien. Maar de foto geeft wel goed weer hoe de verhoudingen tussen de beide sekses horen te zijn.
Hoogte t.o.v. lengte: De reu is vierkant tot iets langer dan hoog, de teef is zichtbaar kleiner en iets langer in lichaam. Het verschil tussen reu en teef moet duidelijk zichtbaar zijn. De reuen zijn gespierder, sterker en massiever dan de teven.
De buurvrouw, nieuwsgierig geworden door het geblaf van honden, komt polshoogte nemen. Geen idee wat er bij de buurvrouw in de tuin loopt, maar dat daar gewaakt wordt is duidelijk. Naast vervaarlijk gegrom en geblaf zien we zo nu en dan haar omheining opbollen. Ik hoop maar dat deze het niet begeeft, mijn vluchtkans is buitengewoon klein en ik voel er weinig voor om als hapklare brok te dienen voor een op drift geraakte waakhond.
We gaan naar binnen voor de thee. Voor de liefhebber van zoetigheid is Rusland een walhalla. Bij thee hoort lekkers, taart, koek, chocola en andere zoetigheden. Thee is een maaltijd op zich, de Russische gastvrijheid is hartverwarmend. Tijdens de thee merk ik hoeveel humor ze heeft, lijkt ze op de video’s altijd heel streng en serieus, zie ik nu hoe haar ogen lachen als ze zit te verhalen over haar belevenissen met honden. Het vergaat me hier niet anders dan bij Marina, ik zou het liefst nog uren blijven, luisteren naar de verhalen die dit prachtige mens heeft te vertellen.
Bij ons afscheid overhandigt Elena me 2 door haar geschreven boeken, een over de CAO en eentje over het gedrag van honden. Uiteraard vraag ik haar om een van de boeken te signeren en neem van mij aan dat deze boeken een prominent plaatsje krijgen in mijn verzameling. Slava maakt nog wat foto’s voor mijn archief, waarbij heel wat afgelachen wordt, zowel Elena als ik zijn niet bepaald gecharmeerd van de lens, maar het lukt Slava toch ons op de gevoelige plaat vast te leggen, onderwijl zie ik Sima gniffelen, die heeft lol voor 2.
We cruisen weer met de Volvo over smalle zandweggetjes vol kuilen en hobbels. Kan me voorstellen dat menig Rus de pest heeft aan deze weggetjes, maar ik vind het geweldig.
We zijn op weg naar Kara Kelle. Kara Kelle is eigendom van Igor en Tatjanna Gohorov. De Gohorovs fokken ruim 10 jaar Aziaten. De band die ik met Kara Kelle heb is een zwart/wit foto van Garachan (Gaplan x Gojunchi) en Lusha’s vader, Karagjoz is eigendom van deze kennel. Garachan heeft me van begin af aan geïntrigeerd, zijn ongepolijste hoofd en de onverstoorbare, doordringende blik in zijn ogen hebben destijds de basis gelegd voor mijn interesse in de CAO. Garachan was alles behalve een showhond. Hij is op 4-jarige leeftijd (1996) naar Ashkhabad gehaald, tot die tijd werkte hij bij de kudde. In Turkmenistan werd hij geroemd om zijn vechterskwaliteiten. Garachan draagt de blauwdruk van generaties kuddebewakers in zijn genen. Hij is als volwassen reu uit Turkmenistan naar Rusland geïmporteerd. Hij is niet veel uitgebracht op shows, dit is niet het type honden dat het oog van de keurmeester kan bekoren. Alleen een rasspecialist zal zijn hart sneller voelen kloppen bij het zien van zo’n oorspronkelijke hond, zij zullen hem op zijn juiste waarde weten te schatten.
Ook Lusha’s vader, Karagjoz is als volwassen hond uit Turkmenistan gehaald. Karagjoz heeft een prachtige vloeiende hoofdbelijning en uitstekende lichaamsbouw. Volgens zijn eigenaar is Karagjoz een van de beste representanten van dit ras in Rusland en dat geloof ik graag. Karagjoz is geboren in 1992, op het moment dat ik Kara Kelle bezoek is hij 12 jaar, een beetje stram in de benen maar nog altijd waakzaam en schroomt niet zijn ongenoegen kenbaar te maken als hij ons opmerkt.
Kara Kelle is een redelijk grote kennel, ik denk dat we bij elkaar zo’n 20 honden hebben gezien. Eentje daarvan is Vjetter (Gonur x Mjenek), een imposante reu die al veel titels op zijn naam heeft staan. Terwijl wij druk aan het fotograferen zijn, maakt Vetter een van de dames het hof, met succes. Terug in Nederland heb ik de resultaten van deze korstondige liefdesrelatie mogen bewonderen. Vjetter zorgt goed voor de toekomst.
Intussen begint het al aardig donker te worden en het wordt er niet warmer op. Binnen brand de kachel en met een kop dampende groene thee in de hand bladeren we door de fotoboeken van Kara Kelle. Tatjanna vertelt dat zij en haar man regelmatig naar Turkmenistan reizen. Ze zijn goed bevriend met Farida Bolkunova, de Turkmenen specialist bij uitstek. Ze trippen ze door Turkmenistan en uiteraard maken ze veel foto’s tijdens deze reizen. De Turkmeense herders hechten enkel waarde aan functionaliteit en werkinstinct, uiterlijk boeit hun weining tot niets. Opmerkelijk is dat men toch een vrij uniform type fokt, divers in afmeting en beharing, maar zelfs een leek kan ze als groep herkennen. Deze uniformiteit ontstaat voor een groot deel door inteelt, men leeft vrij geïsoleerd van de rest, voorbij trekkende herders zorgen voor nieuw bloed, men wisselt uit of geeft kado.
Op de foto’s zien we ruige, oorspronkelijke types, gehard door de hete zomers en barre winters. Voer krijgen ze maar mondjesmaat, gelijk de herders leven ook hun honden op een karig rantsoen. Overdag verspillen ze vrijwel geen energie maar houden de kudde in gaten vanaf strategisch uitgezochte ligplaatsen vanwaar ze een goed overzicht hebben op de omgeving. ’s Avonds zijn ze aktiever. Altijd alert op eventuele bedreigingen van mens of dier.
Als we naar de poort lopen klinkt er uit verschillende hoeken geblaf, ons vertrek gaat niet onopgemerkt voorbij.
Mijn hoofd tolt van de vele informatie die ik vandaag heb geabsorbeerd, ik moet zoveel mogelijk op papier zien te krijgen. Ondanks de vele thee en lekkers beginnen onze magen zich te roeren. Het wordt hoogtijd dat we aandacht aan de inwendige mens gaan besteden. De keuze valt op het restaurant waar S&S hun bruiloft hebben gevierd. Een aangename omgeving, Russische country stijl. Ik laat de menukeuze graag over aan S&S. Ooit een carpaccio van ossentong met een sausje van gemalen pastinaak gegeten? De sashlik en vis uit de Kaspische zee smaken voortreffelijk. Na de koffie storten we ons weer in het Moskouse verkeer, we naderen de stad en dat is te merken. Tegen elven arriveren we bij het hotel, S&S droppen me bij de ingang, zij hebben nog een half uurtje te gaan.
Eenmaal binnen vraag ik in mijn beste Russisch om de kljoets (sleutel), na wat gehannes met het toetstenbord krijg ik ook de lift aan de praat en reis af naar de 11e verdieping. Na een snelle douche nestel ik me met een vodka en een glas mineraalwater op bed en begin aantekeningen te maken.
De verwarming kent vanaf oktober maar een stand en dat is bloedheet, gezien de buitentemperatuur is dit een weinig overdreven. Halverwege de nacht gooi ik het raam open, ik snak naar een beetje frisse lucht en neem het lawaai van verkeer op de koop toe.
Hieke Dijkstra
Note: In Rusland is het couperen van oren en staart toegestaan, dit in tegenstelling tot Nederland, hier mag niet meer gecoupeerd worden.
© 2004/2005 Hieke Dijkstra.
Dit artikel en foto's mogen niet zonder schriftelijke toestemming vooraf door derden gekopieerd en/of verspreid worden. |

Kasim Klovi,
eig/fokker Marina Ovsjanikova

Kasim Klovi,
eig/fokker Marina Ovsjanikova

DarDar Klovi,
eig/fokker Marina Ovsjanikova

Ahtar Klovi,
eig/fokker Marina Ovsjanikova

Tun Chan Iz Strazji (links),
eig/fokker
Elena Mychko
& Zar Jashin Klovi,
fokker Marina Ovsjanikova, eig. Elena Mychko

Zar Jashin Klovi,
fokker Marina Ovsjanikova, eig. Elena Mychko

Muchtari Iz Strazji,
eig/fokker
Elena Mychko

Ze Dachmat Iz Strazji (reu met de typerende oorbevedering),
eig/fokker Elena Mychko

Garachan (import Turkmenistan, eigenaar
Kara Kelle)

Karagjoz (import Turkmenistan, eigenaar
Kara Kelle)

Kara Kelle
??,
fokker/eig. I. Gohorov

Kara Kelle Bjegruda,
fokker/eig. I. Gohorov

Kara Kelle Gati,
fokker/eig. I. Gohorov

Kara Kelle??,
fokker/eig. I. Gohorov

Kara Kelle Rafshan, fokker/eig. I. Gohorov
|