MAREMMANO’S AAN HET WERK

Vakantie! Tijd om in het buitenland te genieten van de zon, wat cultuur te snuiven, lekker te eten en te drinken. Maar voor mij als hondenliefhebber ook een gelegenheid om niet-alledaagse rassen te bewonderen. En dan liefst onbedorven werkhonden in hun eigen omgeving. Kieskeurig ben ik daarin niet want ik geniet net zoveel van Bassets in Bretagne, als van herdershonden in Wales of………Maremmano’s in Italië.

Wie vanaf Rome zuidwaarts naar de punt van de laars rijdt, ziet aan weerskanten van de snelweg forse, veelal beboste bergen opdoemen. Ze maken deel uit de Apennijnen, de ruggengraat van Italië. Veel van deze bergen zijn opgenomen in nationale parken, met als bekendste het Abruzzo Nationale Park, de geboortestreek van de Maremmano-Abruzzese. Onze vakantiebestemming ligt verder weg, in Campania ter hoogte van Salerno. Van daaruit brengt een rit door het vriendelijke landschap ons naar het nationale park Monti Picenti. Maar liefst 64.000 ha groot en rijk aan dierenleven, waaronder steenarenden en wolven. Nu zou het naïef zijn om te hopen op een glimp van een wolf, maar in combinatie met extensieve veehouderij is de kans op een ontmoeting met Maremmano’s groot. En daarin worden we niet teleurgesteld.

Tegen het heetst van de dag belanden we bij Laceno, een gehuchtje dat aan de rand van een grote hoogvlakte ligt. Net wanneer we hier aankomen steekt een kudde schapen de weg over, begeleid door twee jonge herders met drie honden. Twee Duitse Herderachtige honden en een grote witte reu met gecoupeerde oren, onmiskenbaar een Maremmano. De schapen verdwijnen in het bos en, te horen aan de klingelende bellen om hun nek, zoeken zij daar beschutting tegen de zon. De herders keren vrij snel terug, met de beide herdershonden op hun hielen. De Maremmano blijft bij de schapen, zoals het hoort. Het valt niet mee om een gesprek aan te knopen met de herders want hun Engels is nog slechter dan mijn Italiaans. Ze bevestigen dat hun hond een “Abruzzese” is en dat er inderdaad wolven rondhangen in de omliggende bergen. Niet veel, maar blijkbaar voldoende om de aanwezigheid van een Maremmano te rechtvaardigen.

De Laceno-vlakte blijkt bezaaid te zijn met honderden runderen, waarvan een fors aantal een bel om de nek draagt. Dichter bij ons bevinden zich zo’n tachtig schapen, waarvan een aantal ligt te rusten. Pas wanneer we nog eens goed kijken blijkt dat ze onder surveillance staan van twee grote, witte honden, die op een klein dijkje liggen. Zo te zien liggen ze te slapen, maar schijn bedriegt zoals later blijkt.

Een betere plek voor een picknick kunnen we ons niet indenken. In de zon genieten we van de rust die de kuddes koeien en schapen uitstralen. Het aanhoudende geklingel van de bellen werkt bijna slaapverwekkend. Plots komt er over de weg een hond aandraven. Eveneens een Maremmano, maar blijkbaar zonder “eigen” kudde. Voor zijn soortgenoten vormt hij een mogelijke bedreiging want ineens komen zij tot leven. Ze springen blaffend op, hun staart omhoog geheven. Wanneer de bron van alle onrust in wat struiken verdwijnt, gaat één van de kuddewakers poolshoogte nemen. Het is een atletisch gebouwde reu, eveneens met gecoupeerde oren. Intussen neemt zijn collega strategisch post tussen hem en de kudde. Deze hond is wat lastiger te plaatsen. Hij of zij heeft het formaat en de bouw van een Maremmano, maar het hoofd is minder zwaar en aan beide zijden bedekt met een grote zwarte vlek.

En vervolgens maakt een derde hond zich los uit de kudde. Het is duidelijk een jonge Maremmano, een slungel van ongeveer een half jaar oud. Even kijkt het dier in het rond en slentert dan terug naar de schapen. Binnen enkele tellen is het niet meer te onderscheiden van de schapen. Graag wil ik van dichterbij een foto maken van de honden, maar dat valt niet mee. Ineens ben ik bedreigender dan de zwerfhond en dat blijkt duidelijk uit hun lichaamstaal. Je hoeft geen hondenkenner zijn om hun boodschap (“tot daar en niet verder”) te begrijpen!

Helaas moet ik genoegen nemen met enkele foto’s van behoorlijke afstand. Toch was het volop genieten van enkele Maremmano’s, die lieten zien waarvoor het ras gefokt is: het bewaken van een kudde schapen tegen dierlijke en menselijke bedreigingen.

Tekst en foto’s: Ton Popelier

terug naar "artikelen Maremma"